Snel Spaans leren? Rotating Header Image

Indicativo - Pretérito perfecto

Op deze pagina kun je informatie vinden over de pretérito perfecto (perfecto del indicativo, voltooid tegenwoordige tijd of gewoon voltooid deelwoord in het Nederlands), wanneer je deze gebruikt, en hoe je deze vervoegt.

De pretérito perfecto is opgedeeld in 2 delen.

Haber + perfecto = pretérito perfecto.

Voorbeeldzinnen in de pretérito perfecto:

He ido a una tienda de ropa = Ik ben naar een kledingwinkel gegaan.
Este fin de semana ha sido estupendo = Dit weekend is schitterend geweest

Wanneer gebruik je de “pretérito perfecto“?

De pretérito perfecto wordt bij ons als voltooid deelwoord gebruikt. In het Nederlands wordt alleen niet zo streng op de regels gelet wanneer er voltooid deelwoord of verleden tijd moet worden gebruikt. In het Spaans zijn ze hier strenger in. De pretérito perfecto gebruik je in de volgende situaties:

  • Als je praat over het recente verleden. Dat zijn dingen die je vandaag hebt gedaan, of aanduidingen met este of esta (dit jaar, deze maand, dit weekend enz.).
    Voorbeelden: Esta mañana he leído el periódico.
    Este año ha fallecido mi tío.
  • Als het tijdstip onbelangrijk is of wanneer men het tijdstip niet weet.
    Voorbeelden: Ya ha viajado por España
    Has ido a el supermercado?
  • Als een actie doorloopt tot het heden.
    Voorbeelden: Todavía no he comido mejillones
    Nunca hemos fumado cigarrillos
  • Handelingen uit het verleden die een merkbaar gevolg hebben voor het heden.
    Voorbeelden: Ha olvidado la llave, no podemos entrar

Werkwoord - Haber

Dit is de presente van het werkwoord haber, het werkwoord wordt ook in andere vormen gebruikt maar de presente komt het meeste voor. Het werkwoord haber wordt altijd gebruikt in combinatie met een perfecto.

Yo he
has
Él, ella, usted ha
Nosotros hemos
Vosotros habéis
Ellos, ellas, ustedes han

Perfecto

Samen met het werkwoord haber bestaat de perérito perfecto uit de perfecto. De perfecto wordt altijd vooraf gegaan door een vorm van het werkwoord haber, meestal wordt de presente gebruikt.

De perfecto van een werkwoord kun je makkelijk vinden door de werkwoorden een andere uitgang te geven. Je vervangt het AR, ER of IR eenvoudig voor de volgende uitgangen:

werkwoorden eindigend op - AR = ado
werkwoorden eindigend op - ER = ido
werkwoorden eindigend op - IR = ido

Regelmatige werkwoorden in de perfecto:

Aprender = aprendido
Bailar = bailado
Comer = comido
Dormir = dormido
Ir = ido
Jugar = jugado
Salir = salido
Ser = sido

Onregelmatige werkwoorden in de perfecto:

Hieronder kun je een lijstje vinden van de meest gebruikte onregelmatige werkwoorden in de perfecto. Zorg dat je ze goed onthoud want je zult ze vaak nodig hebben.

Abrir = abierto
Decir = dicho
Escribir = escrito
Morir = muerto
Hacer = hecho
Poner = puesto
Volver = vuelto
Ver = visto

Vond je dit een nuttige post? Deel hem dan!
  • E-mail this story to a friend!
  • Print this article!
  • TwitThis
  • NuJIJ
  • del.icio.us
  • Facebook
  • StumbleUpon